Ieder zichzelf respecterend bedrijf met een wild dier in merk of marketing zou een faire vergoeding moeten betalen voor het gebruik. Ik noem dat merkrechten van wildlife.

Meer dan 100.000 bedrijven ter wereld gebruikt een wild dier in het merk. Nog veel meer bedrijven gebruiken wilde dieren in hun marketing. ING doet het met een leeuw. Puma gebruikt de poema. Jaguar de jaguar. Lacoste met de krokodil. En ga zo maar door.

Al deze bedrijven, een enkeling uitgezonderd, hebben één ding gemeen: ze interesseren zich niets voor de situatie waarin het dier waaraan ze hun commerciële bestaansrecht te danken hebben. Neem bijvoorbeeld ING. Het merk ING is zo’n 8 miljard euro waard en de helft van het merk is een oranje leeuw. Je zou kunnen zeggen dat deze oranje leeuw dan 4 miljard waard is. Toch betaalt ING geen euro aan het redden van leeuwen, terwijl deze iconische diersoort in alle landen waar het leeft met uitsterven bedreigd wordt.

Dit zou moeten veranderen. Ieder zichzelf respecterend bedrijf met een wild dier in merk of marketing zou een faire vergoeding moeten betalen voor het gebruik ervan. Ik noem dat merkrechten van wildlife.

In 2016 heeft de TEDx-organisatie Almere me gevraagd een lezing te houden over deze merkrechten van wildlife.

Op het moment van de lezing was ik bezig met een 2000-km lange wandeltocht in Nederland (Icons of Nature Tour) langs alle 20 nationale parken van Nederland om aandacht te vragen voor deze merkrechten van wildlife.